Ik ben Barend, ik ben Barend.
Barend, Barend, wat doe je voor de kost?
Ik ben Barend de bezembinder, dat, dat doe ik voor de kost.
Zeg, waar maak je die bezems van? Zeg, waar maak je die bezems van?
Van takken en van twijgen, die kan ik makk’lijk krijgen.
In het bos, op het mos, raap ik tak voor tak,
want ik ben Barend de bezembinder; bezembinder is mijn vak.
Dat is Barend de bezembinder; bezembinder is zijn vak!
Of kies een abonnement:
Of kies een abonnement:
Of kies een abonnement: