Liedsuggesties

Ben je op zoek naar liederen voor een bepaalde leeftijdsgroep en wil je op ideeën gebracht worden en geïnspireerd raken? Deze liedsuggesties bieden een groeiende verzameling aan lesideeën, achtergrondinformatie en aandachtspunten rond liederen die nog niet algemeen bekend zijn, maar nodig ontdekt moeten worden!

Rond de 15e van iedere maand verschijnt steeds een nieuwe aflevering van tien liederen, verdeeld over de verschillende leeftijdsgroepen. Ook een keer je favorieten onder de aandacht van collega's brengen? Meld je dan via het contactformulier.

februari 2015

4-6 jaar

Lieve lente, kom maar gauw!

Een mooi rustig liedje over de vier jaargetijden, waarbij de teksten in de eerste vier coupletten worden ondersteund door handgebaren (kriebel op m’n vel, koude tenen, bergen sneeuw). In het vijfde couplet worden tot slot de vier seizoenen één voor één gegroet, ik stuur daarbij met de kinderen een handkus de ruimte in bij elk seizoen, dus lente…….zoen, zomer…….zoen, etc.

Inge Neeven – kleuterleidster Zeister Vrije School

Rood, rood, 'k heb geen rood

Een heel aantrekkelijk liedje voor de allerkleinsten voor het leren van de kleuren. Eén van de kinderen zoekt een aantal voorwerpen in de gezongen kleur en brengt deze in het midden van de kring. En daar mogen natuurlijk ook kinderen bij zijn die kledingstukken aanhebben in die kleur! Na afloop kunnen we aan de kinderen vragen welke voorwerpen allemaal verzameld zijn, en dan kan alles weer naar zijn plekje teruggebracht worden, voordat de volgende kleur aan de beurt is.

Annie Langelaar 


7-8 jaar

Attakattamoeva

Dit lied gaat over een Inuït(jongen) die in zijn kajak de zee opgaat om te jagen op zeehonden en vissen. Er zijn door de tijd heen over de hele wereld talloze tekstversies ontstaan. In Engeland is het net weer anders dan in Duitsland of Noorwegen. In Canada zingen ze de tekstversie Okki tokki unga. Bewegingen: 1e regel: zittend op de grond met de armen ‘peddelen’, 2e regel: stil zitten en zwaaien met één hand (naar de thuisblijvers), 3e regel: weer de peddelbeweging maken als in de 1e regel. Wanneer dit lied een aantal keren achter elkaar gezongen wordt, kan daarmee het verhaal van de Inuït gespeeld worden door steeds in de 2e regel een nieuwe beweging te maken: rondturen met de hand boven de ogen, werpen met de harpoen naar de zeehond, uitwerpen van het visnet, binnenhalen van de buit, juichend de armen omhoog, etc.

Jolente Regeling

Juffrouw Slak

Een lief liedje over een slakje en haar huisje. Zing het lied net ietsje langzamer dan je eigenlijk zou willen, dan voel je de traagheid van de slak. Door de staccatonootjes ook écht kort te zingen wordt de stroom van het lied even onderbroken en ervaren de kinderen nog sterker de langzame gang. Kies een kort klinkend instrument, bijvoorbeeld een triangel/stokjes/woordblock om de tekst te ondersteunen zodat de staccato goed herkenbaar wordt. Ook kan de rust na elke 2/4-maat verlengd worden, alsof er even wordt uitgerust. En het is helemaal leuk als één van de kinderen dan mag aangeven wanneer het slakje weer verder kruipt en de volgende liedregel gezongen mag worden.

Marieke Zoutendijk – leerkracht Vrije School Almelo


9-10 jaar

De wrat

Een lang en leuk verhalend fantasielied ooit gezongen door het kinderkoor Kinderen voor kinderen. Het is makkelijker om de strofen met een kleine groep te zingen (misschien is er in de klas wel iemand die solo wil zingen), want het gaat behoorlijk snel en het is een hoog gezongen lied. De laatste regel kan door de grote groep en de kleine groep als vraag en antwoord worden gezongen. Het lied kan ook gebruikt worden als klein toneel met ondersteuning van door de kinderen gemaakte tekeningen van de reus, de grot, de chirurg, het kruidenvrouwtje,… op grote beweegbare flappen.

Alouette – 2-stemmig stapellied

Alouette is een populair Frans-Canadees lied over de lichaamsdelen van een leeuwerik. Het is een fris lied met een vrolijke melodie. Lichaamsdelen worden bezongen en nadien worden de vorige telkens opnieuw herhaald. Je kan de leeuwerik op bord tekenen en eerst het bezongen lichaamsdeel aanduiden, nadien kan een kind dat doen. Je houdt de vaart erin door op het einde van het lied, na de 'ah!', met een groot gebaar het begin weer in te zetten.

Inge Delagaye – leerkracht Steinerschool de Teunisbloem Gent


11-12 jaar

De Vastenavond die komt an (2) - 1-stemmig + tegenstem

Dit zeventiende-eeuwse lied leent zich uitstekend om met blokfluiten de zangpartij te begeleiden. De blokfluit is hier dan dus het melodie-instrument. De eerste vijf maten worden door de blokfluiten twee keer gespeeld, aangezien de zangpartij ook twee keer dezelfde melodie heeft. Het gedeelte waar xylofoon staat kan ook gewoon door blokfluiten worden gespeeld. Je kunt hiermee meteen goed zien wie precies meetelt en meeleest én wie maar gewoon doet wat de anderen doen, want die maakt fouten. Er ontstaat telkens een herhaling van het 'van dir-don-don', wat erg leuk klinkt. Het lied beschrijft allerlei zaken die men deed op Vastenavond, de avond vóór de vastentijd. Men mocht nog één keer alles doen wat de kerk verboden had, zoals veel zuipen, eten en meisjes kussen.

Lidewei Kruizinga – klassenleerkracht Steinerschool Brussel

Sången sover uti tingen + canon

Een prachtige, rustige canon die zich steeds beweegt tussen mineur en majeur. Door het lied vaak achter elkaar te zingen krijgt het bijna iets meditatiefs. Elke keer weer een stijgende lijn, totdat in de laatste regel eindelijk de melodie tot rust komt. De Zweedse tekst vraagt veel aandacht in de uitspraak, want bijna elke klinker wordt anders uitgesproken dan in het Nederlands. Een aandachtspunt is de bijna gelijke melodie van maat 1 en maat 7: in maat 1 spring je naar de c, in maat 7 naar de d. Deze dissonant is niet zo vanzelfsprekend, en moet goed bewust gemaakt en geoefend worden om te zorgen dat beide melodieën bij het uitvoeren verschillend blijven. Een heel dankbaar lied.

Matthijs Overmars – vakleerkracht Zeister Vrije School


13+ jaar

Non nobis, Domine – 3-stemmig

De melodie van dit fraaie lied van William Byrd is in alle stemmen dezelfde, het is dus eigenlijk een canon, alleen de middenstem zet in op de zogenaamde onderkwart. Tweestemmig met sopraan en alt is het ook al interessant, maar als de derde stem (inzet iets later dan verwacht!) erbij komt, wordt het een prachtig polyfoon stukje muziek. Verrassend dat die harmonieën opgesloten zitten in zo’n eenvoudige melodie. In de Renaissance waren de componisten hier meesters in. De kunst is het om de partijen zo te zingen dat tegelijkertijd ook de andere stemmen gehoord en meebeleefd worden, dat je als het ware je eigen echo achter jezelf aan hoort komen. Het luisteren naar elkaar (kleine groepjes die voorzingen) kan hier goed bij helpen.

Nattjoik – 4-stemmig

Een geweldige uitdaging voor een wat meer gevorderd vrouwen/meisjeskoor, maar eenmaal gekend geeft dit lied heel veel voldoening. Kies zelf een ostinaat ritme voor een trommel die de ritmische basis vormt voor het verder heel horizontaal klinkende stuk. Het lied kan opgebouwd worden vanuit die ostinaat, met bijvoorbeeld eerst sopraan2, dan alt2, dansopraan1 en tenslotte de drie stemmen van alt1 erbij, die laatste bij voorkeur enkel of hooguit dubbel bezet. Maar een andere opbouw kan ook. Een lied om vaak te herhalen, en eventueel zelfs om op te improviseren, beluister maar eens uitvoeringen ervan.

Matthijs Overmars

Pr
i
kbord