Liedsuggesties

Ben je op zoek naar liederen voor een bepaalde leeftijdsgroep en wil je op ideeën gebracht worden en geïnspireerd raken? Deze liedsuggesties bieden een groeiende verzameling aan lesideeën, achtergrondinformatie en aandachtspunten rond liederen die nog niet algemeen bekend zijn, maar nodig ontdekt moeten worden!

Rond de 15e van iedere maand verschijnt steeds een nieuwe aflevering van tien liederen, verdeeld over de verschillende leeftijdsgroepen. Ook een keer je favorieten onder de aandacht van collega's brengen? Meld je dan via het contactformulier.

maart 2014

4-6 jaar

Mèh, lammetje, mèh

Een fijn spelletje voor in de lente, als de eerste lammetjes geboren zijn. De kinderen zitten op hun stoeltjes in de kring, een kind is het lammetje en loopt rond. Maar het lammetje stoot zich, heeft pijn en moet getroost worden. De juf wijst een kind aan die dat tijdens het zingen van een lied mag doen. Hoe troost je eigenlijk? Daar valt veel over te leren. Waar doet het pijn, misschien zachtjes aanraken en wrijven, meelopen en betrokken zijn bij het lammetje. Zeker als er soms kleine ruzietjes zijn in de klas dan kan dit liedje helpen. De kinderen zien dan hoe je ook troostend en zorgend bij een ander betrokken kan zijn. Als het liedje uit is wordt de 'trooster' het nieuwe lammetje en begint het liedje opnieuw.

Lammetje, lammetje, lammetje

Dit tedere lenteliedje van Herman Broekhuizen leent zich goed om te oefenen van het evenwicht en de behendigheid. Daartoe worden er twee banken klaargezet, waarvan één op z’n kop. Zo is er een smal richeltje en een bredere bank, en de kinderen mogen tijdens het zingen van het liedje zelf kiezen of ze het brede of het smalle 'dammetje' nemen. Ze kunnen er overheen lopen of kruipen, bijvoorbeeld bij het binnenkomen in de klas: eerst over het dammetje, dan juffie een hand geven. Ondertussen zingt juffie het lied eindeloos door. Ook bij andere overgangsmomenten (brood uit de rugzak op de gang halen) kan dit spelletje gespeeld worden. En juf kan ondertussen kijken welke kinderen al behendig zijn en hun evenwicht goed kunnen bewaren bij het lopen over het smalle richeltje.

Paulien van 't Hart – kleuterleidster Zeister Vrije School


7-8 jaar

De schapenscheerder

Laten we vooral niet vergeten de schapenscheerder te laten komen! We vertellen de kinderen dat in het voorjaar de schapenscheerder naar de stad trekt om een datum voor het scheren af te spreken. Want als straks de zomer komt is het veel te warm voor die dikke wollen jassen. Dit liedje begint pentatonisch, maar de schapen antwoorden heel positief, zij zijn klaar en eindigen op grondtoon g! Probeer maar eens voor jezelf op a of b te eindigen. De schapen zijn er dan niet zo zeker meer van of hun wol wel klaar is.

Elisabeth Lebret (1907-2005)
 

De jaarklok

Een heel geschikt lied om de maanden van het jaar aan te leren in de periode 'Tijd en klokkijken'. Je kunt met dit lied eindeloos variëren; de kinderen gaan in de maand dat ze jarig zijn zitten/staan, klappen in hun handen, maken een sprongetje, draaien een kwartslag (zing het lied dan vier keer achter elkaar!). Ook kun je afspreken dat de kinderen alleen hun verjaardagsmaand zingen en de rest van de maanden niet. Of je schrijft een paar maanden op het bord die ze niet mogen zingen, het is dan even stil. Dat is natuurlijk vooral opletten bij de maanden die in het lied meerdere keren voorkomen!

Anna Vogel, klassenleerkracht en vakleerkracht muziek, Vrije School Kennemerland, Haarlem


9-10 jaar

Cantate

De liedjes van Hanna Lam en Wim ter Burg zijn heerlijk om in de derde klas te zingen. Ze zijn overbekend uit de bundelsAlles wordt nieuw. Deze zijn misschien zo populair op protestante e.d. scholen geworden omdat het nog iets van de pentatoniek in zich draagt. Maar het heeft al wel degelijk een grondtoon. En dat past nou precies in ons leerplan van de derde klas. Het is een heerlijk stemmig lied, waarin de eerbied voor de schepping wordt bezongen. Door mij zijn de eerste twee coupletten er aan toegevoegd. Die van de bloemen en de bomen. Zo krijgt het lied een mooie opbouw; zij die de hemel tegemoet gaan zijn nu: bloemen, bomen, vogels en uiteindelijk de engelen, die zo hoog verheven zijn dat ze alleen maar in Gloria het lied kunnen eindigen. Het enige waar de kinderen in het begin in begeleid moeten worden is de sprong aan het begin D – B. Dat is een grote sext en daar moet je je bij het instuderen goed van bewust zijn. In deze ligging is het goed te spelen met een fluit. Wees ook niet te bang voor een hoge E in de lagere klassen. Veel kinderen halen die met gemak! Haal je de toon als leerkracht zelf niet, gewoon op de goede hoogte op de fluit spelen en de kinderen zingen hem dan moeiteloos na. Zing het lied niet te snel.

De lente komt (1) – canon

Altijd als de merels voor het eerst in het voorjaar weer luidkeels te horen zijn, wordt deze lentecanon door alle klassen in Dordrecht, door het schoolkoor en/of bij de weekopening gezongen; iedere leerling kent hem daar. De tekst is de eenvoud zelve; dat is ook de kracht ervan. Ieder kind herkent de woorden, als de bloemknoppen van bijvoorbeeld de forsythia bloeien en de merels bij het wakker worden te horen zijn, dan gaat het voorjaar echt beginnen. De canon is eenvoudig van opzet, eerste regel G, tweede regel B, derde regel G, dat is het akkoord. In de laatste regel de hoogste noot en dan het trappetje af naar de beginnoot. De hoge Fis in de laatste inzet mag, maar hoeft niet. Neem het tempo niet te langzaam. Als een mars. Het enige punt waarop gelet moet worden zijn twee keer de achtsten voor de derde en de vierde inzet. Die moeten even goed geoefend worden, want op de eerste tel precies moet in beide regels het woordje lente komen.

Bert Verschoor – klassenleerkracht en dirigent schoolkoor regio Rotterdam


11-12 jaar

Auferstanden – canon

In deze fraaie paascanon verheffen zich de stemmen steeds meer, een mooi beeld van de opstanding. De canon is driestemmig, maar het aantal stemmen kan uitgebreid worden tot zes. In dat geval is het beter om bij het afsluiten na elkaar te eindigen. Een lied dat als zaallied heel dankbaar is, omdat het gezongen door een grote groep kinderen of volwassenen een sterk opzwepend effect heeft, zonder dat het ontaardt. De Duitse tekst heeft mijn voorkeur, dat is ook de originele, de Nederlandse vertaling klinkt wat gekunsteld en ouderwets.

De grote Sultan heeft gefuifd – canon

Een wat maffe tekst, maar een geweldige canon! Bijna virtuoos. Niet eenvoudig omdat melodieën op elkaar lijken, vanwege de chromatiek en de polyfonie en omdat het soms erg lange frases zijn die gezongen moeten worden. Maar de canon is zo goed geschreven dat alles uiteindelijk heel goed in elkaar past. Het vraagt wel om grondige eenstemmige oefening. Zeker de lange zin in de tweede regel kan gehaast en onrustig gaan klinken. Het kan goed werken om de melodie langzaam te oefenen en pas later het tempo wat op te voeren. Er is gekozen voor de toonsoort As-groot omdat daarin het lied het fijnste zingt, een stabiele toonsoort, niet te hoge, niet te lage tonen. Het begeleiden op piano of gitaar is daarbij echter wel lastiger. Een degelijke begeleiding is echter wel een grote meerwaarde bij de canon.

Matthijs Overmars – vakleerkracht muziek Zeister Vrije School


13+ jaar

Epitaph (2) – round

Een dergelijk grafschrift op muziek was in de 18e eeuw een geliefde muzikale vorm. Vaak licht schertsend, muzikaal rijk en verrassend werden dergelijke rounds voor het plezier gezongen door mensen van goede komaf, bijvoorbeeld als aangenaam tijdverdrijf na het diner. Interessant bij een round is dat de meerstemmigheid als het ware 'achter elkaar aan' is geschreven. Qua stembereik verschillen de drie stemmen nauwelijks, ze weven door elkaar heen met stemkruisingen, imiteren motiefjes, vullen elkaars ritmes aan, kortom 'spelen' met elkaar. En dat muzikale spel is nog steeds heerlijk om te spelen. Het lied is niet eenvoudig, vraagt een goede stem- en adembeheersing, en klinkt het beste met drie gelijke stemmen. Verrassend is het als voor het eerst de stemmen door elkaar heen gaan zingen, dan pas wordt de betekenis van allerlei muzikale motiefjes hoorbaar.

Abschied – 3-stemmig

Een mooie driestemmige bewerking van dit lied van Felix Mendelssohn door Peter-Michael Riehm. Stemmig van klank, natuurlijk door de thematiek, maar zeker ook door de zetting van P-M. Riehm, die aan de ene kant heel natuurlijk is, en aan de andere kant verrassend en origineel. Het is geschreven voor drie vrouwenstemmen, zeker niet gelijkwaardig, want de derde stem is een lage altpartij. Het is ook denkbaar dat deze derde stem wordt gezongen door de jongens in een 7e of 8e klas die nog in hun stemmutatie zitten. Hoewel er geen dynamische tekens geschreven staan vraagt het lied toch om een beweeglijke dynamiek, die voornamelijk de zinsbouw volgt. Aan het einde van het derde systeem is een kleine vertraging gewenst, en een rustige ademhaling voor het vierde systeem.  Pas op voor een te sterke slotnoot van de tweede stem. Het is hier zoeken naar een goede balans tussen de drie stemmen.

Matthijs Overmars

 

Pr
i
kbord