Fluitoefeningen - toonladders

Het spelen van toonladders is een mooie start van de fluitles. De vingerbewegingen kunnen worden geoptimaliseerd, vingers en tongbeweging bij het gearticuleerde spelen worden gesynchroniseerd, er kan geoefend worden aan toonvorming, adembeheersing en gemeenschappelijkheid, samenspel. Toonladders hoeven geenszins saai te zijn! Het spelen ervan is voor de leerlingen een vertrouwde start, en variatie in spelvormen houdt het interessant en uitdagend. Het is een warming-up voor de fluitles, wat betreft vingers, adem en oren.

1 - Gewone toonladder

2 - Welke versnelling?

3 - Welk tempo?

4 - Omspeelde toonladder

5 - Opbouwtoonladder

6 - Intervaltoonladder

7 - G-toonladder

8 - Hoketus

Hoketus (Latijn voor 'hikken') betekent dat een melodie heen en weer beweegt tussen twee of meer stemmen, bijvoorbeeld om en om een toon. Verdeel de klas in twee groepen, de groepen spelen afwisselend de tonen van de toonladder, stijgend en dalend. De leerlingen spelen wel alle grepen maar blazen dus bij de ene toon wel, en bij de volgende niet. Probeer de tonen naadloos te laten aansluiten.

Lees verder
X

Gebruik je mobiel in horizontale positie voor een optimale weergave.