Ritmecanon 1

Ritmecanon 1  

Het aardige van deze ritmecanon is dat hij in de omkering precies hetzelfde is als gewoon van begin tot eind. Bedenk een manier waarbij dit ineens tot de kinderen doordringt, het is een 'geheim' dat in de oefening verborgen zit.

Dit geeft allerlei mogelijkheden:

Twee groepen klappen het ritme, de ene groep van voor naar achter, de andere andersom, bij het ontmoetingspunt (halverwege de tweede regel) maken alle leerlingen een draai met hun lichaam van 180o

Dat kan ook in canon: er zijn vier groepen A1, A2, B1 en B2. De A-groepen klappen van voor naar achter, de B-groepen van achter naar voor. De groepen 1 starten, en na twee maten beginnen de groepen 2 met de canon, het geheel gaat dus als het ware dubbel in canon. Als de groepen in een carré staan en er wordt ook nog eens gedraaid, dan ontstaat er een mooi visueel effect, en wordt de structuur van wat er klinkend gebeurt ook voor het oog zichtbaar.

Het is leuk hier enkele leerlingen toeschouwer te laten zijn, die na uitvoering van het geheel hun feedback geven: zij moeten hun (muzikaal) oordeel geven. Wat was goed, wat kan verbeterd worden en op welke manier?

Omdat er maar drie verschillende notenwaarden gebruikt worden (halve noot, kwartnoot en achtste noot) kunnen die op drie verschillende ritme-instrumenten uitgevoerd worden, bijvoorbeeld de halve noot op een trommel, de kwartnoot op een woodblock, en de achtsten op claves. Zo wordt het ritme verdeeld over drie instrumenten/leerlingen. Ook kunnen de halve noten gestampt, de kwartnoten geklapt en de achtste noten op het bovenbeen getikt worden. Dan kan de hele klas meedoen. Ook kunnen er drie groepen gemaakt worden, een stampgroep voor de halve noten, een klapgroep voor de kwartnoten en een tikgroep voor de achtste noten. 

Is er met deze verdeling in drie klankgroepen ook nog een canonvariant denkbaar? Laat drie kinderen met drie instrumenten de eerste canoninzet maken (een sologroep dus), de rest van de klas in drie klankgroepen de tweede groep (de tuttigroep), en wellicht een derde groep die met mondgeluiden (to-ta-ti) de derde canoninzet doet.

Voer de canon klappend uit, maar laat overal de kwartnoten weg, doe die in stilte. Het is dan fijn als er een trommel (of probeer eens een stuiterende voetbal!) de puls hoorbaar maakt. Er vallen nu op allerlei onverwachte plekken stiltes. Ook met deze oefening is er in canon en in tegenovergestelde richting een heel scala aan uitvoeringsmogelijkheden denkbaar. 

Terug
X

Gebruik je mobiel in horizontale positie voor een optimale weergave.