Bibliotheek
Canons
Liederen kleuters
Liederen klas 1
Liederen klas 2
Liederen klas 3
Liederen klas 4
Liederen klas 5
Liederen klas 6
Liederen klas 7
Liederen - jaarfeesten
Liederen - thema's
Meerstemmig
Helioskampen
Auteurs
De 25 favorieten van ...
Ademhaling
Articulatie
Brommers
Concentratie
Houding
Luisteren
Resonans
Stem losmaken
Kinderen met zangproblemen
Lied • Tempelgong
1.
Bim-bam, tinge-linge-bong, slaat de kleine Ho-tsjie-wong
's morgens op de tempelgong met zijn grote trommelhout.
Gong van koper, gong van goud.
's morgens op de tempelgong met zijn grote trommelhout.
Gong van koper, gong van goud.
2.
Bim-bam, tinge-linge-bang, loopt de grote Ha-tsjie-wang
's morgens door de tempelgang met zijn geur van sandelhout.
Gong van koper, gong van goud.
's morgens door de tempelgang met zijn geur van sandelhout.
Gong van koper, gong van goud.
3.
Bim-bam, tinge-linge-bing, loopt de wijze Hi-tsjie-wing
dan de gouden tempel in met zijn wijsheid al heel oud.
Gong van koper, gong van goud.
dan de gouden tempel in met zijn wijsheid al heel oud.
Gong van koper, gong van goud.
Lied • Oud Pietje Pech
1.
Oud Pietje Pech is foetsjie weg, hij komt niet meer terug.
Al met z'n oude pandjesjas en knoopjes op z'n rug.
Al met z'n oude pandjesjas en knoopjes op z'n rug.
2.
Old Abram brown is dead and gone, you'll never see him more.
He used to wear a long brown coat, that buttoned down before.
He used to wear a long brown coat, that buttoned down before.
Lied • Çiçekler konuşuyor
1.
Cigdem der ki ben aglayim
yigit basina belayim.
Hepisinden ben alayim
benden ala cicek var mi, cicek var mi? Oy!
yigit basina belayim.
Hepisinden ben alayim
benden ala cicek var mi, cicek var mi? Oy!
2.
Sümbül der ki ben nazliyim
sarp kayalarda gizliyim.
Mavi donlu gök gözlüyüm
benden ala cicek var mi, cicek var mi? Oy!
sarp kayalarda gizliyim.
Mavi donlu gök gözlüyüm
benden ala cicek var mi, cicek var mi? Oy!
Lied • Guten Abend, Herr Spielmann (1)
1.
Guten Abend Herr Spielmann, wie geht es euch denn,
mit der kleinen Violine, mit der grossem Schrum-schrum?
Da rasselt der Kesse; da klinget der Topf.
Da tanzen die Leute einen Galopp, tralalalala!
mit der kleinen Violine, mit der grossem Schrum-schrum?
Da rasselt der Kesse; da klinget der Topf.
Da tanzen die Leute einen Galopp, tralalalala!
2.
Guten Abend, Herr Spielmann, wie geht es denn euch
auf der kleinen Violine, auf der großen Schrumm-schrumm?
Da rasselt der Kessel, da klingelt der Topf.
Es rascheln die Kinder in einem Galopp, tralalalalala!
auf der kleinen Violine, auf der großen Schrumm-schrumm?
Da rasselt der Kessel, da klingelt der Topf.
Es rascheln die Kinder in einem Galopp, tralalalalala!
Lied • Aujourd'hui je chanterai
1.
Aujourd'hui je chanterai
mon amour de cent manières
et puis je t'emmènerai
jusqu'au bout de la terre.
Du pays de mon enfance
tu seras le printemps.
Du pays de mes vacances,
le sable et le vent.
Et pour voir tes yeux bleuir,
je peindrai les ciels d'été.
mon amour de cent manières
et puis je t'emmènerai
jusqu'au bout de la terre.
Du pays de mon enfance
tu seras le printemps.
Du pays de mes vacances,
le sable et le vent.
Et pour voir tes yeux bleuir,
je peindrai les ciels d'été.
2.
Aujourd'hui je chanterai
mon amour dans la lumière
et puis je t'emmènerai
jusqu'au bout de la terre.
Et dans mon pays sans âge
j'apprendrai les saisons.
Au coin de mon paysage
ferai ta maison.
Et pour voir ton front rougir,
je redirai ta beauté.
mon amour dans la lumière
et puis je t'emmènerai
jusqu'au bout de la terre.
Et dans mon pays sans âge
j'apprendrai les saisons.
Au coin de mon paysage
ferai ta maison.
Et pour voir ton front rougir,
je redirai ta beauté.
3.
Aujourd'hui je chanterai
mon amour de vie entière
et puis je t'emmènerai j
jusqu'au bout de la terre.
Au pays des amours mortes
tu seras souvenir.
Au temps que la vie emporte
un autre avenir.
Et quand tu voudras partir,
j'entendrai ta liberté.
mon amour de vie entière
et puis je t'emmènerai j
jusqu'au bout de la terre.
Au pays des amours mortes
tu seras souvenir.
Au temps que la vie emporte
un autre avenir.
Et quand tu voudras partir,
j'entendrai ta liberté.
4.
Coda:
Mais toujours je chanterai
mon amour de cent manières,
même si tu ne viens jamais
jusqu'au bout de la terre.
Mais toujours je chanterai
mon amour de cent manières,
même si tu ne viens jamais
jusqu'au bout de la terre.
Lied • Ei, wie langsam
1.
Ei, wie langsam kommt der Schneck von seinem Fleck.
Sieben lange Tage braucht er von dem Eck ins andere Eck.
Sieben lange Tage braucht er von dem Eck ins andere Eck.
2.
Ei, wie langsam kommt der Schneck im Gras daher.
Potz, da wollt’ ich anders laufen wenn ich so ein Schnecklein wär.
Potz, da wollt’ ich anders laufen wenn ich so ein Schnecklein wär.
Lied • Volg die ster
1.
Uit alle hoeken, alle gaten, alle huizen, alle straten
komen mensen aangesneld, want er is hen iets verteld.
Uit de bergen, uit de weiden, uit de velden, van de heide,
iedereen van heind’ en ver heft zijn hoofd op naar die ster.
Die ster, volg die ster, ga die ster maar achterna
Die ster, volg die ster, denk er niet te lang bij na.
Koning, herder, pak je spullen op en ga!
Die ster, volg die ster. Hoor, een ster.
Volg die ster. Volg die ster.
komen mensen aangesneld, want er is hen iets verteld.
Uit de bergen, uit de weiden, uit de velden, van de heide,
iedereen van heind’ en ver heft zijn hoofd op naar die ster.
Die ster, volg die ster, ga die ster maar achterna
Die ster, volg die ster, denk er niet te lang bij na.
Koning, herder, pak je spullen op en ga!
Die ster, volg die ster. Hoor, een ster.
Volg die ster. Volg die ster.
2.
en-gel zingt een lied-je op een ho-ge wit-te wolk
en een her-der bromt een deun van het ou-de her-ders-volk
En de Wij-zen uit het Oos-ten spe-len plech-tig en klas-siek;
ie-der-een speelt, arm of rijk, mooi-e ko-nings-kind-mu-ziek.
en een her-der bromt een deun van het ou-de her-ders-volk
En de Wij-zen uit het Oos-ten spe-len plech-tig en klas-siek;
ie-der-een speelt, arm of rijk, mooi-e ko-nings-kind-mu-ziek.
Lied • Rozen bloeien rozerood
Rozen bloeien rozerood, ik min die liefste tot de dood,
'k min die liefste, 'k min haar tot de dood.
'k min die liefste, 'k min haar tot de dood.
1.
In Valkenburg daar is een reus
die had ineens voorop z'n neus,
precies waar eerst het puntje zat,
een kanjer van een wrat.
't Is waar, zo'n wrat is geen gezicht,
dus deed de reus de deuren dicht
De Valkenburgse reuzengrot
ging dadelijk op slot.
Op slot? Op slot!
Die grot die ging op slot.
die had ineens voorop z'n neus,
precies waar eerst het puntje zat,
een kanjer van een wrat.
't Is waar, zo'n wrat is geen gezicht,
dus deed de reus de deuren dicht
De Valkenburgse reuzengrot
ging dadelijk op slot.
Op slot? Op slot!
Die grot die ging op slot.
2.
De Valkenburgse VVV
benoemde snel een comité,
dat vroeg toen in het avondblad:
wie weet wat voor een wrat?
En sinds dat daar heeft ingestaan
is steeds de telefoon gegaan.
De één heeft dit, de ander dat,
verdwijnen zou die wrat.
Die wrat? Die wrat!
Die wrat moest maar eens plat.
benoemde snel een comité,
dat vroeg toen in het avondblad:
wie weet wat voor een wrat?
En sinds dat daar heeft ingestaan
is steeds de telefoon gegaan.
De één heeft dit, de ander dat,
verdwijnen zou die wrat.
Die wrat? Die wrat!
Die wrat moest maar eens plat.
3.
En 's avonds om een uur of acht
was ieder middel aangebracht,
maar niemand had succes gehad,
er zat nog steeds een wrat.
Toen is het comité spontaan
in Vught naar een chirurg gegaan
die zag de wrat en zei geleerd:
"Die moet geamputeerd!"
Moet wat? Moet plat!
Geamputeerd heet dat.
was ieder middel aangebracht,
maar niemand had succes gehad,
er zat nog steeds een wrat.
Toen is het comité spontaan
in Vught naar een chirurg gegaan
die zag de wrat en zei geleerd:
"Die moet geamputeerd!"
Moet wat? Moet plat!
Geamputeerd heet dat.
4.
De reus die wat kleinzerig was
die zag de witte doktersjas
en jaagde de chirurg uit Vught
toen brullend op de vlucht.
Men heeft toen snel bericht gestuurd
aan 't kruidenvrouwtje in de buurt,
die maakte toen een kruidendrank;
je stikte van de stank.
De stank? De drank!
De reus kreeg stank voor dank.
die zag de witte doktersjas
en jaagde de chirurg uit Vught
toen brullend op de vlucht.
Men heeft toen snel bericht gestuurd
aan 't kruidenvrouwtje in de buurt,
die maakte toen een kruidendrank;
je stikte van de stank.
De stank? De drank!
De reus kreeg stank voor dank.
5.
Maar kruidendrank of levertraan,
de wrat trok zich er niets van aan,
die glimt en glanst nog glorieus
daar boven op die neus.
De reus heeft zich er zogezegd
voorlopig maar bij neergelegd,
de wrat is daar vanzelf ontstaan
en zal ook wel weer gaan.
Zal gaan? Ja, gaan!
Die zal spontaan weer gaan.
de wrat trok zich er niets van aan,
die glimt en glanst nog glorieus
daar boven op die neus.
De reus heeft zich er zogezegd
voorlopig maar bij neergelegd,
de wrat is daar vanzelf ontstaan
en zal ook wel weer gaan.
Zal gaan? Ja, gaan!
Die zal spontaan weer gaan.
6.
Vandaar dat nu vanavond laat
de reuzengrot weer open gaat
en wat het hooggeëerd publiek
daar ziet, dat is uniek;
de laatste reus van Nederland
met heel z'n neus in drukverband.
En als gebaar van 't comité:
voor kind'ren vrij entree.
Hoezee! Hoezee!
Voor kind'ren vrij entree.
de reuzengrot weer open gaat
en wat het hooggeëerd publiek
daar ziet, dat is uniek;
de laatste reus van Nederland
met heel z'n neus in drukverband.
En als gebaar van 't comité:
voor kind'ren vrij entree.
Hoezee! Hoezee!
Voor kind'ren vrij entree.
Lied • Wie komt er alle jaren?
1.
Wie komt er alle jaren, daar weer uit Spanje varen
over de grote, grote zee? Sinterklaas, hoezee!
over de grote, grote zee? Sinterklaas, hoezee!
2.
Wie brengt de zak vol koekjes, speelgoed en prentenboekjes?
Wie brengt de zak met lekkers mee? Sinterklaas, hoezee!
Wie brengt de zak met lekkers mee? Sinterklaas, hoezee!
Lied • Naht der Welt nun die Nacht (1)
Naht der Welt nun die Nacht, Herrscher des himmlischen Thrones,
sieh, meine Seele noch wacht, gib auf mich Armen nun acht!
sieh, meine Seele noch wacht, gib auf mich Armen nun acht!
Lied • Lachend kommt der Sommer
1.
Lachend kommt der Sommer über's Feld.
2.
Lachend komt de zomer over het land.
Lied • Two young boys from Kildare Town
Two young boys from Kildare Town,
they have so fancy horses.
Black their manes and bridles gold
and bred for racing coursses.
they have so fancy horses.
Black their manes and bridles gold
and bred for racing coursses.
Lied • Well fare the nightingale
Well fare the nightingale,
fair fall the thrushcock too
but foul fare the filthy bird that singeth: "Cuckoo".
fair fall the thrushcock too
but foul fare the filthy bird that singeth: "Cuckoo".
Lied • k Heb een brilletje al voor mijn ogen
k Heb een brilletje al voor mijn ogen,
om te zien wie er dansen mogen.
k Heb een brilletje al voor mijn ogen,
k zie het al: ik dans met jou!
Tralalalala
om te zien wie er dansen mogen.
k Heb een brilletje al voor mijn ogen,
k zie het al: ik dans met jou!
Tralalalala
Lied • Palm-palmpasen, laat de koekoek razen
Palm-Palmpasen, laat de koekoek razen.
Laat de kievit zingen, dan krijgen we lekkere dingen.
Laat de kievit zingen, dan krijgen we lekkere dingen.
Lied • Apple trees in bloom
Underneath the rising moon silver mist is dancing.
Soft the lilac’s sweet perfume fills the night entrancing.
White and ghostly in the gloom, stands the apple trees in bloom,
apple trees in bloom, apple trees in bloom.
Underneath the rising moon silver mist is dancing.
Soft the lilac's sweet perfume fills the night entrancing.
Soft the lilac’s sweet perfume fills the night entrancing.
White and ghostly in the gloom, stands the apple trees in bloom,
apple trees in bloom, apple trees in bloom.
Underneath the rising moon silver mist is dancing.
Soft the lilac's sweet perfume fills the night entrancing.
Lied • Eén aapje in de slagroom
1.
Eén aapje in de slagroom,
twee beren vol met zeep,
drie geiten in een pudding,
vier zebra's zonder streep.
Vijf neushoorns met een feestneus,
zes wolven in de trein,
en zeven dikke kikkers,
die snipverkouden zijn.
twee beren vol met zeep,
drie geiten in een pudding,
vier zebra's zonder streep.
Vijf neushoorns met een feestneus,
zes wolven in de trein,
en zeven dikke kikkers,
die snipverkouden zijn.
2.
Acht zingende giraffen,
wel negen kangoeroes,
en tien gestampte muisjes,
die dansen voor de poes.
En zing je vaak dit liedje,
dan leer je bovendien
eenvoudig alle cijfers
van één, twee, drie tot tien.
wel negen kangoeroes,
en tien gestampte muisjes,
die dansen voor de poes.
En zing je vaak dit liedje,
dan leer je bovendien
eenvoudig alle cijfers
van één, twee, drie tot tien.
Lied • Lantarentje, lantarentje
1.
Lantarentje, Lantarentje
verlicht de donk’re nacht.
Sint Maarten Sint Maarten
Sint Maarten houdt de wacht.
Wij lopen in een lange rij
en zingen saâm een lied daarbij.
Sint Maarten Sint Maarten
Sint Maarten vieren wij.
verlicht de donk’re nacht.
Sint Maarten Sint Maarten
Sint Maarten houdt de wacht.
Wij lopen in een lange rij
en zingen saâm een lied daarbij.
Sint Maarten Sint Maarten
Sint Maarten vieren wij.
2.
Veel sterretjes, veel sterretjes
en ook de lieve maan,
die zien wij, die zien wij
hoog aan de hemel staan.
Wij lopen in een lange rij
en zingen saâm een lied daarbij.
Sint Maarten, Sint Maarten,
Sint Maarten vieren wij.
en ook de lieve maan,
die zien wij, die zien wij
hoog aan de hemel staan.
Wij lopen in een lange rij
en zingen saâm een lied daarbij.
Sint Maarten, Sint Maarten,
Sint Maarten vieren wij.
Lied • Dag, allemaal!
Dag, allemaal, dit was het dan weer:
we stoppen met muziek!
Dag allemaal, dit was het dan weer:
tot de volgende keer maar weer!
we stoppen met muziek!
Dag allemaal, dit was het dan weer:
tot de volgende keer maar weer!
Lied • Bandenpech
Op de grote, stille heide
stond een jongen met zijn fiets,
maar die fiets die wou niet rijden,
in zijn voorband, daar zat niets.
En terwijl hij daar zo stond,
keek hij zoekend in het rond.
Hoe ver is de fietspomp,
hoe ver is de fietspomp,
de fietspomp?
stond een jongen met zijn fiets,
maar die fiets die wou niet rijden,
in zijn voorband, daar zat niets.
En terwijl hij daar zo stond,
keek hij zoekend in het rond.
Hoe ver is de fietspomp,
hoe ver is de fietspomp,
de fietspomp?