De koning van Siam
die had het zo koud,
toen heeft hij zijn hoofd
in de kachel gedouwd.
Of kies een abonnement:
Of kies een abonnement:
Of kies een abonnement:
1.
2.
Hij moest voor z'n vrouw
een paar boodschappen doen:
een pak lucifers
en een dotje katoen.
een paar boodschappen doen:
een pak lucifers
en een dotje katoen.
3.
Hij kocht nog wat zout
en een flesje azijn,
dat smaakt bij de pudding
zo pittig en fijn.
en een flesje azijn,
dat smaakt bij de pudding
zo pittig en fijn.
4.
Hij was maar net thuis
of daar buldert zijn vrouw:
"Ben jij nou een koning,
wat heb ik aan jou?"
of daar buldert zijn vrouw:
"Ben jij nou een koning,
wat heb ik aan jou?"
5.
Toen kreeg ie 't zo warm
en toen kreeg ie 't zo koud,
toen heeft hij zijn hoofd
in de kachel gedouwd.
en toen kreeg ie 't zo koud,
toen heeft hij zijn hoofd
in de kachel gedouwd.
6.
De koning van Siam
die ging toen kapoet.
Dat heb je ervan
als je boodschappen doet!
die ging toen kapoet.
Dat heb je ervan
als je boodschappen doet!