Kom, kom, zonnelicht,
verhef uw goddelijk aangezicht,
nu nadert, nu nadert uw purperen bal,
het beeld van God in het wereldal!
Laat stralen uw licht over berg en dal!
Maan wendt zijn gezicht,
hij schaamt zich voor het zonnelicht.
Sterren helder van glans, die zingen aan de hemeltrans.