Herder op de heide ging, schaapjes grazen, tingeling!
Herder op de heide ging van ting-tang-ting!
Of kies een abonnement:
Of kies een abonnement:
Of kies een abonnement:
Of kies een abonnement:
1.
2.
Herder had 'n dikke stok, liep daarmee van tik-tak-tok!
Herder had 'n dikke stok van tiktaktok!
Herder had 'n dikke stok van tiktaktok!
3.
Herder had 'n grote hond die 't kleine lammetje vond.
Herder had 'n grote hond die kwam terstond!
Herder had 'n grote hond die kwam terstond!
4.
Schaapjes gingen in de stal, want de avond was er al.
Schaapjes gingen in de stal, 't was avond al!
Schaapjes gingen in de stal, 't was avond al!
5.
Na de avond komt de nacht, schaapjes slapen stil en zacht.
Na de avond komt de nacht; slaap zacht, slaap zacht!
Na de avond komt de nacht; slaap zacht, slaap zacht!