Kom kinderen, kom raden,
wat is hier nu aan 't braden?
Hoor, hoe het knapt en sist,
straks wordt het opgedist!
Het spettert, het spattert,
het knippert, het knappert;
de geelrode appel.
Of kies een abonnement:
Of kies een abonnement:
Of kies een abonnement:
1.
2.
Kom snel nu aangelopen,
de oven gaat nu open!
Heb je je bordje al klaar?
Pak je vork en eten maar!
Het spettert, het spattert,
het knippert, het knappert;
de goudbruine appel.
de oven gaat nu open!
Heb je je bordje al klaar?
Pak je vork en eten maar!
Het spettert, het spattert,
het knippert, het knappert;
de goudbruine appel.
3.
De appel is gebakken,
wij prikken en wij prakken.
Hij is nu gaar en goed,
vol met rozijnen zoet.
Het spettert, het spattert,
het knippert, het knappert;
de knapp'rende appel.
wij prikken en wij prakken.
Hij is nu gaar en goed,
vol met rozijnen zoet.
Het spettert, het spattert,
het knippert, het knappert;
de knapp'rende appel.