Wij dwergen werken vrolijk blij, in de smidse, in de smidse.
Wij dwergen werken vrolijk blij, in de smidse werken wij.
Van klip, klap, klop, van klip, klap, klop, van klip, klap, klop, hohei!
Van klip, klap, klop! Van klip, klap, klop, ’t ijzer smeden wij!
Of kies een abonnement:
Of kies een abonnement:
Of kies een abonnement:
Of kies een abonnement:
Agenda werkplaats
27 september 2026
Zingen
Koor op school
11 oktober 2026
Instrumentaal
Ukelele spelen
25 oktober 2026
Zingen
Koordag
29 oktober 2026
Instrumentaal
Bamboefluit bouwen
1 november 2026
Dans & beweging
Bewegend zingen met kleuters
8 november 2026
Zingen
Zingen met je klas
1.
2.
Wij dwergen werken vrolijk, blij, in ons schuurtje, in ons schuurtje.
Wij dwergen werken vrolijk, blij, al het brandhout hakken wij.
Van hakkehak, van hakkehak, van hakkehak, hohei!
Van hakkehak, van hakkehak, het brandhout hakken wij!
Wij dwergen werken vrolijk, blij, al het brandhout hakken wij.
Van hakkehak, van hakkehak, van hakkehak, hohei!
Van hakkehak, van hakkehak, het brandhout hakken wij!
3.
Wij dwergen werken, vrolijk, blij, in ons huisje, in ons huisje.
Wij dwergen werken vrolijk, blij, onze vloeren vegen wij.
Van sjoetsjoetsjuut, van sjoetsjoetsjuut, van sjoetsjoetsjuut, hohei!
Van sjoetsjoetsjuut, van sjoetsjoetsjuut, onze vloeren vegen wij!
Wij dwergen werken vrolijk, blij, onze vloeren vegen wij.
Van sjoetsjoetsjuut, van sjoetsjoetsjuut, van sjoetsjoetsjuut, hohei!
Van sjoetsjoetsjuut, van sjoetsjoetsjuut, onze vloeren vegen wij!
4.
Wij dwergen werken vrolijk, blij, in de keuken, in de keuken.
Wij dwergen werken vrolijk, blij, onze potjes roeren wij.
Van rirarom, van rirarom, van rirarom, hohei!
Van rirarom, van rirarom, onze potjes roeren wij!
Wij dwergen werken vrolijk, blij, onze potjes roeren wij.
Van rirarom, van rirarom, van rirarom, hohei!
Van rirarom, van rirarom, onze potjes roeren wij!
5.
Wij dwergen werken vrolijk, blij, op de tafel op de tafel.
Wij dwergen werken vrolijk, blij, onze broekjes naaien wij.
Van prikkeprik, van prikkeprik, van prikkeprik, hohei!
Van prikkeprik, van prikkeprik, onze broekjes naaien wij!
Wij dwergen werken vrolijk, blij, onze broekjes naaien wij.
Van prikkeprik, van prikkeprik, van prikkeprik, hohei!
Van prikkeprik, van prikkeprik, onze broekjes naaien wij!
6.
Wij dwergen zingen met elkaar nog een liedje, nog een liedje.
Wij dwergen zingen met elkaar nog een liedje, want ’t werk is klaar.
Van tralala, van tralala, van tralala, hohei!
Van tralala, van tralala, een liedje zingen wij!
Wij dwergen zingen met elkaar nog een liedje, want ’t werk is klaar.
Van tralala, van tralala, van tralala, hohei!
Van tralala, van tralala, een liedje zingen wij!
7.
Wij dwergen willen slapen gaan in ons bedje, in ons bedje.
Wij dwergen willen slapen gaan in ons bedje, want ’t werk is gedaan.
Van sujadoe, van sujadoe, van sujadoe, hohei!
Van sujadoe, van sujadoe, hoe heerlijk slapen wij!
Wij dwergen willen slapen gaan in ons bedje, want ’t werk is gedaan.
Van sujadoe, van sujadoe, van sujadoe, hohei!
Van sujadoe, van sujadoe, hoe heerlijk slapen wij!