De warme zon straalt met nieuw kracht
uit het zuiden, uit het zuiden.
De sneeuwpop zucht, want hij wordt zo zacht,
zie hem pruilen, zie hem pruilen.
Zijn witte rijk wordt een luchtkasteel,
hij ergert zich daarom al groen en geel,
zie hem huilen, zie hem huilen.
Of kies een abonnement:
Of kies een abonnement:
Of kies een abonnement:
Agenda werkplaats
27 september 2026
Zingen
Koor op school
11 oktober 2026
Instrumentaal
Ukelele spelen
25 oktober 2026
Zingen
Koordag
29 oktober 2026
Instrumentaal
Bamboefluit bouwen
1 november 2026
Dans & beweging
Bewegend zingen met kleuters
8 november 2026
Zingen
Zingen met je klas
1.
2.
Ach, sneeuwmeneer ook al ben je mooi,
jij moet wijken, jij moet wijken.
Je winterpak wordt een modderpoel,
moet je kijken, moet je kijken.
De leeuwerik kwinkeleert in 't rond:
"Waar is die man die hier zo statig stond,
hij moet wijken, hij moet wijken."
jij moet wijken, jij moet wijken.
Je winterpak wordt een modderpoel,
moet je kijken, moet je kijken.
De leeuwerik kwinkeleert in 't rond:
"Waar is die man die hier zo statig stond,
hij moet wijken, hij moet wijken."
3.
De zwarte raaf roept zo hard hij kan,
in de bomen, in de bomen:
"Die man mag weg en de lentedag
mag nu komen, mag nu komen."
De kraai kan kraaien zoals je hoor.
De zwaluw is van 't zuiden hier in noord
aangekomen, aangekomen.
in de bomen, in de bomen:
"Die man mag weg en de lentedag
mag nu komen, mag nu komen."
De kraai kan kraaien zoals je hoor.
De zwaluw is van 't zuiden hier in noord
aangekomen, aangekomen.
4.
Het beekje stroomt langs de waterkant,
moet je kijken, moet je kijken.
Waar eens de sneeuwpop heel stoer en stram
stond te prijken, stond te prijken.
Daar groeien bloempjes een duizendtal.
De koeien mogen straks ook uit de stal
buiten kijken, buiten kijken
moet je kijken, moet je kijken.
Waar eens de sneeuwpop heel stoer en stram
stond te prijken, stond te prijken.
Daar groeien bloempjes een duizendtal.
De koeien mogen straks ook uit de stal
buiten kijken, buiten kijken