Langs een groen molentje kwam ik getreden,
langs een groen molentje kwam ik gegaan,
En wij vonden daar een paar heren, ja, heren, ja, heren,
en wij vonden daar een paar heren al op ons wegje staan.
En zij deden nu van zulke, van zulke, van zulke,
en zij deden nu van zulke al op ons wegje staand.
En van zó, en van zó en zó zijn hun manieren.
Of kies een abonnement:
Of kies een abonnement:
1.
2.
Langs een groen molentje kwam ik getreden,
langs een groen molentje kwam ik gegaan.
En wij vonden daar een paar boeren, ja, boeren, ja, boeren,
en wij vonden daar een paar boeren al op ons wegje staan.
En zij deden nu van zulke, van zulke, van zulke,
en zij deden nu van zulke al op ons wegje staand.
En van zó, en van zó en zó zijn hun manieren.
langs een groen molentje kwam ik gegaan.
En wij vonden daar een paar boeren, ja, boeren, ja, boeren,
en wij vonden daar een paar boeren al op ons wegje staan.
En zij deden nu van zulke, van zulke, van zulke,
en zij deden nu van zulke al op ons wegje staand.
En van zó, en van zó en zó zijn hun manieren.
3.
Langs een groen molentje kwam ik getreden,
langs een groen molentje kwam ik gegaan.
En wij vonden daar een paar dienders, ja, dienders, ja, dienders,
en wij vonden daar een paar dienders al op ons wegje staan.
En zij deden nu van zulke, van zulke, van zulke,
en zij deden nu van zulke al op ons wegje staand.
En van zó, en van zó, en zó zijn hun manieren.
langs een groen molentje kwam ik gegaan.
En wij vonden daar een paar dienders, ja, dienders, ja, dienders,
en wij vonden daar een paar dienders al op ons wegje staan.
En zij deden nu van zulke, van zulke, van zulke,
en zij deden nu van zulke al op ons wegje staand.
En van zó, en van zó, en zó zijn hun manieren.
4.
Langs een groen molentje kwam ik getreden,
langs een groen molentje kwam ik gegaan.
En wij vonden daar een paar kwezels, ja, kwezels, ja, kwezels,
en wij vonden daar een paar kwezels al op ons wegje staan.
En zij deden nu van zulke, van zulke, van zulke,
en zij deden nu van zulke al op ons wegje staand.
En van zó, en van zó, en zó zijn hun manieren.
langs een groen molentje kwam ik gegaan.
En wij vonden daar een paar kwezels, ja, kwezels, ja, kwezels,
en wij vonden daar een paar kwezels al op ons wegje staan.
En zij deden nu van zulke, van zulke, van zulke,
en zij deden nu van zulke al op ons wegje staand.
En van zó, en van zó, en zó zijn hun manieren.